Effectief plannen van groen in steden
Een van die technologieën wordt in het project “Stedelijk Groen” ontwikkeld. Nederland en Duitsland kampen door verstedelijking en klimaatverandering met droogte, wateroverlast, hittestress, verminderde biodiversiteit en schade aan economie en leefomgeving. Openbaar groen kan deze problemen sterk verminderen en tegelijkertijd welzijn en sociale cohesie bevorderen. Belangrijk is dat er voor het aanleggen en onderhoud rekening wordt gehouden met de waterhuishouding, biodiversiteit en klimaatadaptatie. Hiervoor zal een Nederlands-Duits consortium met mkb-bedrijven, kennisinstellingen en lokale overheden oplossing ontwikkelen voor het intekenen, realtime monitoren en plannen van groenprojecten, met realistische doorberekeningen van de te verwachten effecten. Daarmee zal het project het gat tussen de potentie en de praktijk van openbaar groen dichten, waardoor de Nederlandse en Duitse binnensteden groener en leefbaarder worden.
Innovatie voor het onderwijs tegen genderverschillen in de zorg
In de gezondheidszorg bestaan ongeacht van het land gendergerelateerde verschillen, waardoor met name vrouwen te maken krijgen met verkeerde of vertraagde diagnoses en meer bijwerkingen van medicijnen. Dit probleem begint al bij de basis in de medische opleidingen, aangezien er tot nu toe geen systematische aanpak is voor gendersensitieve diagnostiek. Daar wil het project “GENderMed-AI” door een combinatie van technologie en kennis verschil in brengen. Door het ontwikkelen van een AI-ondersteunde, meertalige leeromgeving met synthetische consultatiescenario’s, worden medici in opleiding zich bewuster van de verschillen. De deelnemers trainen reflectief klinisch denken en het bewust omgaan met vooroordelen. Door de gezamenlijke ontwikkeling ontstaat een grensoverstijgend referentiekader voor gendersensitieve medische opleidingen, dat de kwaliteit van de zorg versterkt en bijdraagt aan het verminderen van genderspecifieke gezondheidsongelijkheden in de grensregio. Bij het project zijn verschillende universitaire klinieken, andere experts uit de zorgsector en een ontwikkelingsbedrijven betrokken.
Ontwikkelingen in de veiligheidssector
De veiligheids- en geopolitieke ontwikkelingen in Europa leiden zowel in Duitsland als Nederland tot sterk stijgende investeringen in defensie. Door een gebrek aan transparantie, beperkte netwerken en nationale versnippering hebben veel regionale mkb-bedrijven moeite om toegang te krijgen tot deze groeiende markt. Hierdoor gaan economische kansen verloren, terwijl de grensregio juist op het gebied van elektronica, sensoren, software, materialen en systeemintegratie over complementaire sterktes beschikt. Het project “SAFE” pakt deze uitdaging direct aan door de industriële capaciteiten van beide landen systematisch zichtbaar en vergelijkbaar te maken, door bedrijfsbezoeken, casestudies, screenings en een digitale competentieplatform. Ook wordt er een toolbox ontwikkeld met concrete ondersteuning m.b.t. technologische vereisten, regelgeving en samenwerkingsmogelijkheden. Deze activiteiten worden omgezet door Duitse en Nederlandse ontwikkelingsmaatschappijen met een groot netwerk in de grensregio.
Meer waterstofmogelijkheden voor het mkb
Het project “H2Business” richt zich ook op het versterken van het mkb, met name op energie-intensieve mkb-bedrijven die te maken hebben met beleidsdruk voor verduurzaming, netcongestie of stijgende energiekosten. Niet voor alle bedrijven is elektrificatie of aansluiting op de nationale waterstofbackbone een haalbaar alternatief. Het doel van het project is om voor deze bedrijven kansen op het gebied van waterstof inzichtelijk te maken, door concrete waterstofopties te analyseren en deze praktisch te valideren. Mkb-bedrijven kunnen in een kleiner grensoverstijgend consortium deelnemen voor haalbaarheidsanalyses, technische validatie en ontwikkelingsprojecten. De projectpartners, waaronder hogescholen, regionale ontwikkelingsmaatschappijen en experts op gebied van waterstoftechnologieën zullen mkb-bedrijven o.a. bij het vinden van geschikte partners over de grens ondersteunen.
Uitwisseling voor theatercorridor zonder grenzen
In het project “CORE” staat niet het mkb in de focus, maar juist culturele instellingen. Vier onafhankelijke productiehuizen uit Arnhem, Groningen, Münster en Düsseldorf slaan de handen ineen voor een gedeeld werkverband. Als vrije productiehuizen werken zij met theatermakers en collectieven die opereren als kleine culturele ondernemingen: mobiel, (inter)nationaal gericht en gewend om in verschillende contexten te werken. Om grensoverstijgende samenwerking en productie toekomstbestendig te versterken zal er intensief kennis worden uitgewisseld waardoor werkwijzen en publieksstrategieën van beide landen worden gecombineerd. Ook zullen er in Duits-Nederlandse tandems van kunstmakers workshops worden gevolgd en gehele theaterproducties worden opgezet, die ook voor publiek in de grensregio zullen worden opgevoerd.
Projecten rondom waterbeheer en inclusieve fietsmobiliteit
Eerder begonnen in mei 2026 al de twee projecten “De Rijn Beweegt” en “FITS”.
In het project “De Rijn Beweegt” werken Duitse en Nederlandse overheden samen aan de monitoring van sediment en plastic in en op de bodem van de Rijn in de grensregio.
Overheden aan beide zijden van de grens voeren intensief sedimentbeheer uit met het oog op waterveiligheid, waterkwaliteit, klimaatadaptatie, natuur, bevaarbaarheid en andere gebruiksfuncties. Bestaande methoden zullen worden geëvalueerd, verbeterd en geharmoniseerd. Ook wordt gewerkt aan innovatieve methoden met nieuwe beeld-, geluid- en op AI gebaseerde technieken. Aan het einde van het project worden gezamenlijke monitoringstrategieën voor sediment en plastic opgesteld en ondertekenen de partners een overeenkomst waarmee ze bevestigen de gezamenlijke strategieën toe te passen.
Het project “FITS” richt zich op inclusie bij mobiliteitsdiensten. Nieuwe aangepaste voertuigen, zoals driewielers, riksja’s, rolstoelvervoer fietsen en duo-fietsen, zouden ouderen en mensen met beperkte mobiliteit helpen om te blijven fietsen. Deze opties zijn echter duur, vragen veel opslagruimte en zijn niet beschikbaar in de huidige deelfietssystemen. Daardoor vallen veel mensen buiten het mobiliteitsaanbod, wat leidt tot sociale uitsluiting en verminderde persoonlijke onafhankelijkheid. Het project wil dit veranderen en gaat zelf aangepaste fietsen in nieuwe mobiliteitsdiensten integreren, die vervolgens op verschillende plekken in de grensregio zullen worden getest. Hiervoor is samenwerking opgezet tussen zorginstellingen, gemeenten, (sociale) mobiliteit aanbieders, onderzoeksinstellingen en producenten van aangepaste fietsen.
Er wordt door middel van deze projecten vanuit Interreg Deutschland-Nederland en de deelnemende organisaties gezamenlijk meer dan 22 miljoen euro in de regio geïnvesteerd. De projecten worden door de Europese Unie en nationale en regionale overheden medegefinancierd.